Israël demoniseren met valse morele equivalentie

In het proces om Israël te demoniseren, speelt retoriek een belangrijke rol.Behalve het gebruik van leugens is het strooien met valse argumenten de overheersende onder de belangrijke technieken om te demoniseren. Daarom is het belangrijk dat diegenen die Israël openlijk verdedigen erin getraind zijn zulke technieken te herkennen. Een opvallende tegen Israël ingezette techniek is valse morele gelijkstelling. Zij is gebaseerd op de misleidende bewering dat er geen verschil bestaat tussen twee enorm verschillende ongelijke handelingen.

Vergelijkingen zijn van huis uit voor misbruik te gebruiken. Hiervan bestaan voorbeelden te over en in dit artikel kunnen slechts enkele van de meest gebruikte genoemd worden. enkele gaan het gezonde mensenverstand te boven. Een beroemde is de vergelijking van Israël met nazi-Duitsland of de nazi´s. Dit voorbeeld van valse morele equivalentie is wijdverbreid in heel Europa. Vijf onderzoeken in negen verschillende Europese landen tonen aan dat ongeveer 40% van de Europeanen gelooft dat Israël een nazi-staat is.

Een variant op deze leugen zegt dat Israël de Palestijnen uitroeit. Ook deze is wijdverbreid, zoals werd vastgesteld in peilingen in Europa.

Nog een andere versie van deze valse vergelijking heet “zionisme is fascisme”. Toen hij in februari 2013 voor het forum van de Vijfde alliantie van de Civilisaties in Wenen sprak, verklaarde de toenmalige Turkse minister-president Recep Tayyip Erdoğan: “Net zoals bij het zionisme, het antisemitisme en het fascisme wordt het onvermijdelijk dat islamofobie als misdaad tegen de mensheid beschouwd moet worden.” Deze verklaring werd door de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry, de secretaris-generaal van de VN Ban Ki-Moon en de Israëlische minister-president Benjamin Netanyahu onmiddellijk bekritiseerd.

Omdat valse vergelijkingen zo gemakkelijk te maken zijn, wordt een groot aantal daarvan tegen Israël toegepast. De valse morele gelijkstelling van zionisme en racisme was een door de Sovjet-Unie ontworpen tactiek om haar afwijzing van de veroordeling van antisemitisme te rechtvaardigen. Deze politieke strategie werd in de jaren-60 oorspronkelijk gebruikt bij de poging om Israël uit de Verenigde Naties uit te sluiten. Hoewel ze mislukte, hadden de Sovjet-Unie, haar satellietstaten en haar Arabische bondgenoten hiermee uiteindelijk in 1975 succes, toen VN-resolutie 3379 werd aangenomen. Deze bepaalde dat “zionisme een vorm van racisme en rassendiscriminatie is.”

Nog een ander voorbeeld van regelmatig gebruikte valse morele gelijkstelling om Israël te demoniseren is om Israël een Apartheidsstaat te noemen. De voormalige Amerikaanse president Jimmy Carter behoort tot diegenen die deze valse gelijkstelling in zijn boek uit het jaar 2006, “Palestine: Peace not Apartheid” (“Palestina: Vrede, geen Apartheid”) gebruikten.

Het boek “Drawing Fire” (“Het vuur naar zich toetrekken”) van de linkse Israëlische journalist Benjamin Pogrund heeft als ondertitel “Investigating the Accusiations of Apartheid in Israel” (“Onderzoek naar de beschuldigingen van Apartheid in Israël”). De schrijver zegt in een persoonlijke opmerking in het boek:

Ik werd vanwege maagkanker in een van de vooraanstaande Israëlische ziekenhuizen behandeld, het Hadassah op de Scopusberg in Jeruzalem. De chirurg (hij was de chef-arts) was joods, de anesthesist was Arabier. De artsen en verplegers die mij verzorgden, waren Joden en Arabieren. Tijdens de vier en een halve week als patiënt zag ik hoe Arabische en joodse patiënten dezelfde behandeling vol toewijding kregen. Ongeveer een jaar later ging de chirurg met pensioen; hij werd afgelost door een dokter die Arabier is. Sindsdien ben ik in klinieken en spoedopnames in ziekenhuizen geweest. Daar is voor iedereen overal alles gelijk. Israël lijkt op het Zuid-Afrika van de Apartheid? Belachelijk.

Een andere, graag gebruikte, valse morele gelijkstelling is het idee dat Israël een koloniale macht in het Midden-Oosten is. De historicus Richard Landes toonde de schijnheiligheid van deze morele equivalentie aan. Hij schreef over de onschuldige aard van zionistische nederzettingen in het Ottomaanse rijk en Brits Palestina, die sterk verschillen van de imperiale inspanningen van de Europese machten destijds. “In plaats van als militaire overwinnaars te komen, kwamen de zionisten als positief te beschouwen buren.”

Een ander graag vals gebruik van morele equivalentie is de gelijkstelling van de Holocaust met de Nakba. Deze valse morele gelijkstelling werd door veel mensen overgenomen. De Holocaust en de Nakba liggen echter te ver van elkaar verwijderd om op elkaar te lijken. De Holocaust was een geplande volkerenmoord door middel van industriële uitroeiing. De Palestijnse Nakba was een direct resultaat van het feit dat de Palestijnen het bestaan van Israël afwezen, wat leidde tot hun zware militaire nederlaag.

Nog een andere categorie van morele equivalentie impliceert dat de opzettelijke moord op onschuldige burgers gelijk te stellen is aan de onopzettelijke dood van burgers bij militaire acties. In maart 2012 vergeleek Catherine Ashton, de hoge vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid van de EU, de dood van onschuldige joodse kinderen zoals in Toulouse (Frankrijk) door seriemoordenaars en wrede dictatoren zoals Bashar al-Assad van Syrië met de onopzettelijke dood van burgers door Israëlische tegenaanvallen in de Gazastrook. De Israëlische minister van Justitie, Tzipi Livni, reageerde als volgt: “Er bestaat geen gelijksoortigheid tussen een daad van haat of een leider, die leden van zijn natie doodt, en een land dat terreur bestrijdt, zelfs als hiervan burgers het slachtoffer worden.”

Veel zogenaamde humanitaire NGO´s gebruiken regelmatig op misbruikende wijze valse equivalentie. Zelfs toen zij korte verklaringen over de mensenrechtenschendingen schreven die de Israëlische soldaat Gilad Shalit ten deel vielen toen hij door Hamas-terroristen ontvoerd en vijf jaar lang gevangen gehouden werd, besloten amnesty International en Human Rights Watch om de aandacht af te leiden van de valse morele gelijkstelling van de ontvoerde Shalit naar de door rechtbanken veroordeelde Palestijnse terroristen in Israëlische gevangenissen.

Deze valse morele gelijkstellingen van Israëlische gevangenisstraffen met ontvoeringen door Palestijnen zijn ver bezijden de waarheid. De Amerikaanse advocaat Alan Dershowitz zegt:

“Iedere door Israël vastgehouden gevangene beschikt over juridische rechtsbescherming en hebben hun ontslag bereikt. Ieder van hen kan door het Rode Kruis bezocht worden, kan met de familie communiceren en zijn/haar verblijfplaats is bekend. Anderzijds worden ontvoerde Israëlische soldaten door criminele elementen geïsoleerd vastgehouden, worden ze regelmatig gefolterd, vaak vermoord (zoals onlangs nog is gebeurd), kunnen zij niet door het Rode Kruis bezocht worden en hebben ze geen juridische rechtsbescherming. Bovendien zijn de door Israël vastgezette gevangenen terroristen – wat wil zeggen: onwettige strijders. Velen van hen zijn moordenaars, die in overeenstemming met het principe van de rechtsstaat schuldig bevonden en veroordeeld werden. De “vrouwen” en “kinderen” hebben zich schuldig gemaakt aan moord of poging tot moord op onschuldige baby´s en andere niet-strijders. De ontvoerde soldaten waren legale strijders, op wie de uitwisseling van krijgsgevangenen van toepassing is.”

Dershowitz zei dat Hamas of Hezbollah de Israëlische soldaten niet op dezelfde manier behandelt zoals Israël met zijn gevangenen omgaat, want “ze zijn terreurorganisaties die zich niet bewegen binnen het principe van de rechtsstaat.”

Er kunnen nog veel meer morele gelijkstellingen genoemd worden. De openlijke verdediger van Israël en ook diens diplomaten zijn er voor het grootste deel niet in getraind om de misbruikende morele equivalentie te herkennen en te bestrijden. De door deze tactiek van demonisering aangerichte schade zou door diegenen aangesproken en bestreden moeten worden die een publieke functie uitoefenen. Datzelfde geldt voor andere valse argumenten die regelmatig gebruikt worden, zoals sentimentele oproepen, meten met twee maten en de zoektocht naar zondebokken. Het mislukken van de bestrijding van valse morele equivalentie is een van de vele Israëlische tekortkomingen in de oorlog van het woord, waaraan de regeringsautoriteiten veel meer serieuze aandacht zouden moeten besteden.

Bron:
https://heplev.wordpress.com
Auteur: Manfred Gerstenfeld

Vertaald uit het Duits door:
E.J. Bron
(www.ejbron.wordpress.com)

 

11 juni 2015

Comments are closed.